Klimaatregeling

foto: markus Spiske, Unsplash

Eind 2015 nam de wereld in Parijs een wettelijk bindend engagement om samen de klimaatopwarming te beperken tot 1,5° celsius. De impact hiervan op de kunsten wordt in de Strategische Visienota Kunsten nergens besproken; signaalwoorden als ‘klimaat’, ‘energie’ of ‘transitie’ staan er niet in.

Duurzaamheid: what’s in a name?

In de tekst lezen we negen keer het bijvoeglijk naamwoord ‘duurzame’, overwegend als synoniem van ‘voortdurende’, ‘permanente’ of ‘bestendige’. In de omschrijving van de nieuwe categorie ‘kerninstellingen’ wordt tweemaal de samenstelling ‘duurzaam perspectief’ gebruikt en een keer ‘duurzaam’ in de betekenis van ‘voortdurend’.

Dat woord wordt toch driemaal gebruikt in een context waarin we een, weliswaar impliciete, verwijzing naar groeiend klimaatbewustzijn kunnen verstaan: vormgeving (p. 11), infrastructuur (p. 12) en internationalisering (p. 15). De aanmoediging van duurzame (cross-sectorale) samenwerking wekt hoop, omdat een subsidie innovatieve partnerprojecten ook kan aangevraagd worden voor samenwerking met een partner uit de milieusector of de circulaire economie (p. 17).

Positieve noot is tenslotte dat Pulse Transitienetwerk cultuur jeugd media, mede opgericht vanuit de kunstensector en waarin Kunstenpunt een actieve partner is, vermeld wordt als kennisnetwerk in de bovenbouw (p. 9). 

Klimaatbeleid: globaal, lokaal, integraal 

De EU wil dat Europa in 2050, als eerste continent, klimaatneutraal is en maakt een schema voor de reductie van de uitstoot van broeikasgassen met tussentijds te halen doelstellingen in 2020 en 2030. Bij de redactie van de Landschapstekening Kunsten vonden we klimaatbewust handelen daarom een vanzelfsprekend aandachtspunt voor de toekomstige werkplannen in de periode tussen deze twee mijlpalen (p. 138-143). 

Sinds 2008 staat dit thema aanhoudend in de aandacht en tal van pioniers, uit alle hoeken en kanten van de kunstensector delen hun artistieke visie en praktijkervaringen. We zien individuen (Benjamin Verdonck, Elly Van Eeghem, Sarah Vanhee…), organisaties (De Veerman, BUDA, OPEK…) en netwerken (Pulse, Greentrack Gent, IETM…) grote stappen zetten in het vormgeven van een gediversifieerde strategie om de kunstenpraktijk klimaatneutraler te maken en tal van artistieke initiatieven dragen bij aan de SDG’s (sustainable development goals) van de Verenigde Naties. De sectoren architectuur en vormgeving werken mee aan maatschappelijke transformatie en geven een impuls aan de ontwikkeling van de ‘circulaire economie’. 

Spreken van een systeemverandering in de kunstensector, kunnen we echter nog niet. O.a. ecologische uitdagingen tonen zich extra scherp op het internationale vlak; anders en minder reizen wordt al snel gezien als een verlies op andere vlakken. Dergelijke paradoxen en grote vragen worden niet langer weggemoffeld, waardoor er ruimte ontstaat om over antwoorden te kunnen nadenken. Ook moet herhaald worden dat de kunstensector zelden op de radar staat op het moment dat klimaatbeleid in de verschillende bevoegdheidsniveaus op de agenda staat. Met extra middelen uit het Vlaams Klimaatfonds heeft Fonds Culturele Infrastructuur (FoCI) daaraan deels verholpen.

Financiële steun voor investeringen in energiezuinige cultuurinfrastructuur zal ook na het aflopen van het huidige reglement in 2021 nodig blijven. Dat infrastructuur een aandachtspunt in de Strategische Visienota Kunsten is, geeft de gelegenheid om een brede en langetermijnvisie op duurzaamheid te ontwikkelen. In het kader van Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties werken steden en gemeenten aan de hand van de SDGs aan het vormgeven van nieuw beleid. Culturele en artistieke partners kunnen daar op een kritische en creatieve manier aan bijdragen en daartoe lokaal zelf ook actie nemen. 

Binnen transitieprocessen worden artistieke praktijken en methodes sterk gewaardeerd, omdat er zo de nodige ruimte ontstaat voor verbeelding en experiment, en omdat kunstenaars veel ervaring hebben met procesmatig werken en niet-lineaire processen. Er liggen kansen om deze maatschappelijke bijdrage breder te delen via inspirerende praktijk(beeld)verhalen.

Een voorbeeld als illustratie. In het kader van het ontwikkelingstraject (Re)framing the International gaven we Jeroen Peeters een schrijfopdracht over duurzamere internationale mobiliteit en verzamelden we tijdens ontmoetingen reiservaringen met een lage ecologische voetafdruk. Dit materiaal kreeg een visualisering in de Start to train-kaart die we via een netwerk van partners op 1.000 exemplaren gratis hebben verspreid binnen de kunstensector. Tot ver daarbuiten werd de tool online door vele duizenden gedeeld.

re/set

Het coronavirus en alle maatregelen om de volksgezondheid ertegen te beschermen, hebben een grote impact op de kunstensector. Algemeen kan je stellen dat het verbod op culturele activiteiten en andere bijeenkomsten sinds maart 2020 twee zaken heeft bemoeilijkt voor de kunstensector:

1) de relatie met het publiek,

2) de relatie met andere partijen binnen en buiten de kunstensector. 

Heel wat zaken stemmen alle actoren tot nadenken: het stilvallen van een aanzienlijk deel van de artistieke productie, presentatie en distributie, een complex kluwen aan financiële repercussies en een mogelijke herindeling van het landschap. 

De gevolgen zijn niet louter negatief: we zien talrijke bottom-up initiatieven ontstaan die zelfs in tijden van fysieke afstand de band tussen kunstenaars, kunstorganisaties, maatschappelijke partners en publiek warm houden. Deze veerkracht geeft hoop: in de kunstensector gaan stemmen op om in plaats van een exitstrategie een open up strategie vorm te geven. Een momentum dient zich aan om de grote systemische verhoudingen en dynamieken te bevragen en volop duurzame transformaties in gang te zetten.