Vlaamse podiumkunsten voor een jong publiek

Ryan Djojokarso & Bram Jansen / Korzo producties, Jij bent 'm (10+) (c) Irina Antonova

Welke trends en ontwikkelingen hebben plaatsgevonden sinds 2000, op het gebied van de productie en internationale spreiding van kinderkunsten? Is er iets veranderd aan de manier waarop podiumkunsten voor een jong publiek wordt geproduceerd? Welke ontwikkelingen zien we op het gebied van internationale spreiding? En hoe verhouden die trends binnen de kinderkunsten zich tot het geheel van de Vlaamse podiumkunsten?

Over de gegevens

Om de bovenstaande vragen te beantwoorden, werkten we met de gegevens uit de databank van Kunstenpunt. Daarin vind je informatie over podiumproducties die worden gemaakt of gecoproduceerd door gesubsidieerde spelers uit Vlaanderen en Brussel (het gaat dus niet over privé-initiatieven of over amateurgezelschappen). De databank bevat informatie over alle producties die in elk seizoen op de planken werden gebracht, weet of het nieuwe creaties zijn of hernemingen, turft de opvoeringen in het buitenland en noteert de credits van de organisaties die produceerden en/of coproduceerden. Christel De Brandt is verantwoordelijk voor de verzameling van de gegevens. Simon Leenknegt analyseerde en presenteerde de data uit de periode 2000-2016.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Grafiek 1 geeft een overzicht van de totale productie van Vlaamse podiumkunsten, niet alleen voor een jong publiek. Je ziet hoeveel productiefiches we voor elk seizoen in onze databank terugvinden. Je ziet een gestage groei doorheen de hele onderzochte periode, met een plotse piek in de productie vanaf 2011 en een climax in 2014. In het laatste seizoen zien we een afname. Is dit een trendbreuk?

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Grafiek 2 maakt binnen de totale productie een onderscheid tussen nieuwe creaties (groenblauw) en hernemingen van eerdere producties (roze). Opvallend: de lijn van de nieuwe creaties blijft relatief stabiel gedurende de hele periode. Slechts in het laatste onderzochte seizoen zie je een knik naar beneden. Even opvallend is de sterke toename van het aantal hernemingen, zeker de laatste jaren. De toename van het aantal producties in onze databank wordt dus verklaard doordat er meer hernemingen zijn. Er zijn de laatste seizoenen minder nieuwe producties. Is er een crisis in de creatie?

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Hoe zit dat dan voor producties voor een jong publiek? Grafiek 3 laat een soort van stabiliteit zien. Het aantal producties per jaar bleef constant.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Maar ook in dit segment zie je dat het aantal nieuwe creaties terugloopt (Grafiek 4). Hernemingen zijn belangrijker geworden. De schijnbare stabiliteit in de productie van werk voor een jong publiek is dus eigenlijk een terugloop in nieuwe creaties, die wordt gecompenseerd door hernemingen van eerder gemaakte producties.

Internationale spreiding

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Wat dan met internationale spreiding? Voor het geheel van de podiumkunsten zie je dat het aantal opvoeringen in het buitenland door de jaren heen toeneemt (Grafiek 5). Ook wordt er in meer verschillende landen gespeeld. Opvallend zijn de ontwikkelingen in Nederland (oranje) en Frankrijk (blauw). Het totale aantal opvoeringen in Nederland liep terug. In Frankrijk is er een toename. Frankrijk kwam sterker op de kaart.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Hoe werkt dat dan voor de kinderkunsten? In dit segment zie je dat sinds 2000 het totale aantal opvoeringen in het buitenland relatief stabiel blijft (Grafiek 6). Maar de spreiding werd diverser: terwijl er in het eerste seizoen in 14 landen werd gespeeld, wordt er in het laatste seizoen in 22 verschillende landen gespeeld. Opnieuw zie je dat spreiding in Frankrijk (blauw) belangrijk is geworden. Maar vooral de afname van de spreiding van podiumkunsten voor een jong publiek in Nederland (oranje) is heel erg moeilijk geworden. De ‘markt’ in Nederland is bijna drooggelegd. Dat wordt dan niet alleen door Frankrijk gecompenseerd, maar door een diversere internationalisering.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Dat beeld kun je illustreren als je gaat kijken naar de evolutie van de belangrijkste buitenlandse podia voor producties voor een jong publiek (Grafiek 7). We vergelijken de periode 2000-2008 (links) met 2008-2016 (rechts). De top tien voor de eerste helft van de onderzochte periode (2000-2008) is nog voor 90% Nederlands, met de Rotterdamse Schouwburg op kop. De cijfers per speelplek liggen ook hoog, tot meer dan honderd Vlaamse opvoeringen in die Rotterdamse Schouwburg.

In de laatste acht seizoenen tellen we ongeveer evenveel opvoeringen in het buitenland. Maar die worden opgevoerd op veel meer verschillende speelplekken. De top tien is sterk veranderd. Niet alleen zijn er meer landen vertegenwoordigd. De totale aantallen opvoeringen per speelplek zijn teruggelopen. Hier tegenover staat dat het aantal verschillende speelplekken wel is toegenomen. In de hele periode tussen 2000 en 2008 tellen we 382 verschillende speelplekken, tegenover 470 in de hele periode tussen 2008 en 2016.

Coproducties

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Het laatste onderdeel van de presentatie gaat over productie en coproductie. Opnieuw laten we eerst de cijfers zien voor het geheel van de podiumkunsten (Grafiek 8). We zien daarbij dat het aantal coproducenten in de onderzochte periode sterk toenam. Het stijgt van 197 in 2000-2001 naar 688 in 2014-2015, met alleen in het laatste seizoen een kleine afname.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

In Grafiek 9 maken we een onderscheid tussen Vlaamse (geel) en buitenlandse (paars) coproducenten. Vooral het aantal buitenlandse coproducenten is heel sterk gestegen. Vroeger was de verhouding binnenland-buitenland nog fiftyfifty, maar nu zijn er dus steeds meer buitenlandse coproducenten.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Ook voor de kinderkunsten zie je dat er de laatste jaren meer coproducenten zijn bijgekomen (Grafiek 10). Maar het verschil is wel dat de coproducenten toch in hoofdzaak Vlaamse coproducenten zijn (Grafiek 11). Het beeld qua werk voor een jong publiek ziet er dus anders uit dan voor het geheel, waar in grote mate een internationaal netwerk werd gemobiliseerd.

We proberen hier content te tonen van Tableau.

Kunsten.be gebruikt minimale cookies. Om inhoud te zien die afkomstig is van een externe site, kan die site bijkomende cookies plaatsen. Door de inhoud te bekijken, aanvaard je deze externe cookies.
Lees meer over onze privacy policy.

Kortom

Om af te sluiten, trekken we enkele conclusies. De totale productie en internationale spreiding van Vlaamse podiumkunsten voor een jong publiek is sinds 2000 stabiel gebleven. Maar die schijnbare stabiliteit verbergt opmerkelijke trends. Je ziet de laatste jaren toch een afname van nieuwe creaties en een toename van het aantal hernemingen. Wat de internationale spreiding betreft, zie je dat het aantal opvoeringen in het buitenland stabiel blijft. Maar de markt in Nederland liep sterk terug. Opvallend: er wordt in meer verschillende landen en op meer verschillende speelplekken gespeeld. Ten slotte zie je dat coproductie – anders dan voor het geheel van de podiumkunsten – in de kinderkunsten toch vooral een binnenlands fenomeen blijft.

S.L.

Simon Leenknegt

J.J.

Joris Janssens